(Her)kent u de vlinders in de Goudse Hout?

Loopt u wel eens door de Goudse Hout? En wist u dat je uiterlijk eind mei al de meeste soorten, van de 21 die er voorkomen, hebt kunnen zien? Lees dan verder als u ze makkelijker wilt kunnen herkennen. De prachtige foto’s zijn gemaakt door Jaap van Dam.

In de Goudse Hout zijn tot en met vorig jaar 21 soorten dagvlinders waargenomen (zie waarneming.nl). Om meer dagvlinders een goede omgeving te bieden, zijn er in 2019 2 idylles aangelegd in de Goudse Hout: één vlakbij het ontmoetingsplein en een tweede verderop langs het Harlekijnpad (richting de Platteweg). Deze idylles zijn aangelegd om kruidenrijke graslanden te maken. Om te zien of dat ook leidt tot meer dagvlinders, volgt een werkgroep van de Vrienden sinds medio vorig jaar de aantallen vlinders op de idylles. Om de kennis op te frissen, kwamen de werkgroepleden op donderdag 20 februari bijeen. Was een leuke bijeenkomst ter voorbereiding van het vlindertelseizoen. Dat wilden we de lezers van deze website niet onthouden.

De volgens ons meest makkelijk te herkennen (aan de unieke vorm of patroon) dagvlinders in de Goudse hout zijn de volgende (de naam verschijnt als je met de cursor op de afbeelding gaat staan):

Moeilijk te onderscheiden dagvlinders zijn de witjes. Al was het maar omdat je ze meestal fladderend ziet en zelden ergens lang rustig zitten. Een paar verschillen zijn onder andere de grootte: het grote koolwitje is groter dan het kleine en het geaderd witje. De vlek aan de tip van de voorvleugel is bij het grote koolwitje langer doorlopend dan bij het kleine koolwitje. Het geaderd witje lijkt nerven op de vleugel te hebben. Dan is er nog het oranje tipje. Dat is goed kijken of je de oranjetip wel ziet. Tenslotte zijn er verschillen tussen de mannetjes en de vrouwtjes bij de koolwitjes: het aantal zwarte stippen verschilt.

Duidelijk anders weer zijn de blauwtjes in de Goudse Hout. De meest ‘fel’ blauw getekende is doorgaans het Icarus blauwtje (maar let op als het een afgevlogen, ouder exemplaar is). Het boomblauwtje is wat fletser gekleurd en minder getekend aan de vleugelranden. Vreemd genoeg is er ook een bruin blauwtje bij de blauwtjes. Maar let op: zie je de bruinige onderkant bij de het tweede icarusblauwtje op de foto?

Dan is er nog een oranje-bruine groep van dagvlinders in de Goudse Hout. Allereerst de meer oranje vlinders; daarvan zijn de ‘vossen’ het moeilijks van elkaar te onderscheiden. De drie ‘vossen’ die voorkomen in de Goudse Hout, zijn te herkennen aan het ‘zebrapad dat over de voorvleugel van links naar rechts loopt. Bij de kleine vos is opvallend het blauwe parelsnoer aan de achterzijde van de vleugel. De kleine vos heeft op de voorvleugel (achter het zebrapad) een drietal stippen. De grote vos heeft er vier, wat meer hoekige. De vier staan in de vorm van een driehoek met een stip in het midden. De oostelijke vos tenslotte is meer oranje dan de grote vos, heeft opvallen lichtere poten en de overgang naar de schierzand van de vleugel is geleidelijk (scherper getekende dan tijde grote vos). De grote vos is pas een paar keer waargenomen in de Goudse Hout; opletten dus!

Dan rest er nog een groepje oranje/bruine dagvlinders. De kleine vuurvlinder is misschien het makkelijkst te herkennen aan de fel gestippelde oranje en donkerbruine vlakken. De argusvlinder herken je aan de ‘ogen-patronen’ op de vleugel. De veel voorkomende distelvlinder onderscheidt je van de ‘vossen’ door het ontbreken van het zebrapad. Het landkaartje heet zo door de streepjes patronen (als van een landschap) op de onderzijde van de vleugel. De zomervariant (hier niet afgebeeld) heeft een donkerder patroon. Ook het bont zandoogje heeft oogjespatronen op de vleugel.

Wilt u meer weten over dagvlinders. nachtvlinders en libellen? Kijk dan eens rond op de website van de vlinderstichting.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *